|
Mijn naam is Truffel
Op zekere dag kwam mijn jongste dochter Habiba af met een verhaal dat ze zou schrijven. Het ging over een spook dat in de kelder woonde en dat een meisje hielp. Ik vond het een leuk verhaal en vroeg haar of ik het mocht hebben. Dat weigerde ze. Tot een paar maanden later, toen ze niet meer met haar verhaal verder kon. Maar vooraan in het boek moest ik wel vermelden: naar een idee van mijn dochter Habiba. En dat is ook gebeurd. Het is een humoristisch boek dat ik met heel veel plezier geschreven heb.
Dit is het verhaal van Fanny, die in het zesde leerjaar zit. Als ze op donderdagmiddag in plaats van tekenen geschiedenis krijgen, besluit ze te staken, maar daar krijgt ze niemand voor mee, want ze zijn allemaal veel te bang. Thuis krijgt Fanny telefoon van een jongen die zegt: ‘mijn naam is Truffel’. De jongen beweert een spook te zijn en Fanny lacht hem uit, want ze is er zeker van dat het om een grap gaat. Maar dan voorspelt Truffel dingen die uitkomen en gelooft Fanny hem. Truffel helpt haar de staking te organiseren. Hij helpt haar met nog andere dingen. Na een tijdje kan Fanny Truffel zien en ze worden de beste vrienden.
Als Fanny hoort dat Truffel jaren geleden in het huis waar ze nu wonen verongelukt en gestorven is, erger nog, door zijn vriend van de trap is gegooid, besluit ze hem te helpen om hem uit zijn gevangenschap te bevrijden.
Mijn naam is Truffel
Standaard uitgeverij - 1995
|